

Mayer, Elgar, Chaminade en Mozart zijn allen productieve, internationaal erkende componisten, die aanzienlijke bijdragen hebben geleverd aan het klassieke repertoire, ondanks verschillen in tijdperk (Klassiek tot Romantiek/Modern) en achtergrond. Zij delen een toewijding aan orkestrale muziek en zijn verknocht aan de Romantische traditie.

Emilie Mayer (1812-1883) was een Duitse componiste van romantische muziek en een van de meest productieve vrouwelijke componisten van de 19e eeuw. Mayer, vaak de "vrouwelijke Beethoven" genoemd, componeerde acht symfonieën en talloze kamermuziekwerken, pianosonates en orkestouvertures. Ondanks de beperkte mogelijkheden voor vrouwen in de professionele muziekwereld in haar tijd, verwierf ze brede erkenning en werd haar muziek in heel Duitsland uitgevoerd. In de 21e eeuw is haar werk herontdekt en geprezen om zijn vakmanschap, originaliteit en bijdrage aan het romantische repertoire.
In tegenstelling tot veel van haar tijdgenoten werd Mayer door haar familie en mannelijke mentoren aangemoedigd om muziek en compositie na te streven. In het 19e-eeuwse Duitsland werd van vrouwen verwacht dat ze "echtgenote en moeder" waren en alle andere ambities opzij zetten ten gunste van het huishouden, ongeacht hun status. Hoewel ze de rol van haar overleden moeder als verzorgster van het huishouden van haar vader overnam, werd ze nooit onder druk gezet om haar muzikale ambities op te geven, noch werd ze onder druk gezet om te trouwen. Haar broers moedigden haar na de dood van hun vader verder aan om te componeren, reisden met haar mee en ondersteunden haar reizen financieel. Haar carrière speelde zich af tijdens de opkomst van het nationaal-conservatisme in Duitsland, waardoor haar vastberadenheid om als ongehuwde vrouw te componeren door veel mannen van hogere stand om haar heen als zeer progressief werd beschouwd.
Hoewel de muziek van Emilie Mayer in haar eigen tijd hoog werd gewaardeerd, raakte ze na haar dood in de vergetelheid, net als het werk van veel vrouwelijke componisten uit de 19e eeuw. Haar composities hebben echter de afgelopen decennia hernieuwde belangstelling gewekt bij musicologen, uitvoerenden en platenmaatschappijen. Moderne uitvoeringen van haar symfonieën en kamermuziekwerken hebben een kenmerkende stijl onthuld, beïnvloed door Beethoven en Mendelssohn, maar gekenmerkt door haar dynamische gevoel voor vorm en lyriek. Muziekwetenschappers hebben ook Mayers plaats binnen de vrouwelijke componisten in de klassieke muziek onderzocht en haar volharding opgemerkt in het overwinnen van genderbarrières om professionele erkenning te krijgen.
Emilie Mayers Faust-Ouverture (op. 46, ca. 1880) is een krachtig, laat-romantisch orkestwerk in b-mineur, geïnspireerd door Goethes Faust. Het stuk vertoont een "adembenemende drama en intensiteit", die vaak wordt vergeleken met Beethoven vanwege de energieke, thematische ontwikkeling en orkestrale diepgang. Het is een typisch voorbeeld van de 19e-eeuwse programmatische muziek, waarbij de Faust-legende muzikaal wordt uitgebeeld. De Faust-legende is een klassiek Duits verhaal over een hoogopgeleide maar ontevreden geleerde, Johann Faust, die een pact sluit met de duivel (Mephistopheles).
Edward William Elgar (1857 – 1934) was een Brits componist wiens werk tot de late Romantiek gerekend wordt.
Elgar werd geboren in Broadheath, een dorp gelegen in de buurt van Worcester. Zijn vader was een pianostemmer en -handelaar die tevens bladmuziek verkocht en gedurende veertig jaar organist was in de katholieke kerk van Worcester. Dit religieuze, meer bepaald katholieke element zou een belangrijke invloed hebben op het oeuvre van Edward. In het gezin werd veel gemusiceerd. Elgar was praktisch autodidact. Hij ontwikkelde zich snel in het zeer muzikale gezin, waarin hij viool, altviool en orgel leerde bespelen. Ook kreeg hij muziekleer en kon zich zo ontwikkelen tot concertmeester, arrangeur en dirigent. Hij arrangeerde muziek voor verschillende ensembles en speelde zelf in verschillende bands en orkesten. Elgar was korte tijd hoogleraar in Birmingham en stond bekend om zijn kennis van en publicaties over de Engelse literatuur. Hij bezat een opmerkelijke fascinatie voor woordspelingen, puzzels, palindromen en mystificatie. Dat blijkt ook uit zijn nationalistische muziek van rond de eeuwwisseling. Zo heeft hij in de Enigma Variaties een raadsel verwerkt. Al meer dan een eeuw lang heeft men geprobeerd erachter te komen wat de melodie is die Elgar hierin heeft verborgen.
Edward Elgar (1857-1934) schreef zijn Three Characteristic Pieces in 1899, een herziening van een eerdere Suite in D.
Het eerste deel is de typisch Poolse Mazurka, een werk in driekwartmaat met een snel tempo. De mazurka was een gestileerde ontwikkeling van een volksdans. Het genre was populair gemaakt door Chopin, die 59 mazurka's schreef. Mazurka's voor orkest zijn niet erg gebruikelijk en het is interessant om te zien hoe Elgar hierin uitblinkt.
Het tweede stuk begon als een Sérénade Mauresque, oftewel een Moorse serenade. Het begint op een rustige, exotische manier, maar lijkt dan af te dwalen naar het koudere noorden en wordt in het middengedeelte veel Engelser.
Het laatste deel, met de titel Contrasts, heeft een verduidelijkende ondertitel: De Gavotte uit 1700 en 1900. De gavotte is een van oorsprong Franse volksdans uit de Alpen, die in de 17e en 18e eeuw populair werd als gestileerde hofdans en onderdeel van baroksuites. Elgar legde uit dat hij geïnspireerd was door een dansvoorstelling die hij in Duitsland had gezien. Het werk begint in een prachtige barokstijl, waarna het twee eeuwen vooruitspringt naar een modernere stijl. Moderne gavottes zijn geschreven door Grieg, Stravinsky, Prokofjev en Bernstein. Ze werden gebruikt om een oudere tijd of het verleden te representeren.


Cécile Chaminade was een Frans componiste en pianiste die leefde van 1857 tot 1944. Als kind vertoonde ze al veel talent. Haar ouders waren echter niet voor een muzikale carrière. Grote namen uit de muziekwereld, waaronder Saint-Saëns, Chabrier en Bizet, moedigden haar echter aan om door te zetten. Als achttienjarige gaf ze haar eerste concert, waarna eveneens haar eerste composities verschenen. Voor pianofabrikant Player nam ze pianorollen op. Ze was populair in Engeland, waar grammofoonplaten van haar werken werden gemaakt en in Amerika waren haar composities eveneens geliefd. Haar oeuvre is omvangrijk: pianowerken, fluitconcert, liederen, suite voor orkest, opera en andere orkestwerken. In 1913 werd ze, als eerste vrouwelijke componist, onderscheiden met het lidmaatschap van het Legioen van Eer.
Cécile Chaminade's Concertino voor fluit en orkest, Op. 107 (1902) is een beroemd, romantisch en technisch uitdagend stuk, oorspronkelijk geschreven in opdracht van het Parijse Conservatorium als uitdaging voor de jaarlijkse fluitwedstrijd. Het werk staat bekend om zijn melodieuze en lyrische karakter. Het werd oorspronkelijk geschreven voor fluit en piano, maar Chaminade arrangeerde het later voor fluit en orkest. Het is ook een van de weinige stukken van Chaminade die nog steeds in het hedendaagse repertoire voorkomen.
Wolfgang Amadeus Mozart (1756–1791) was een Oostenrijks wonderkind en is een van de invloedrijkste componisten uit de klassieke muziek. Hij begon op 3-jarige leeftijd met klavecimbelspelen en componeerde al op 6-jarige leeftijd. Tijdens zijn korte leven schreef hij meer dan 800 werken, waaronder beroemde opera’s (o.a. Die Zauberflöte), symfonieën en pianoconcerten. De muziek die hij als volwassene componeerde, geworteld in Oostenrijkse en Zuid-Duitse tradities, maar gekleurd door de Italiaanse opera, kenmerkt zich door haar melodische schoonheid, formele perfectie en rijkdom van harmonie en textuur. Na een jeugd vol Europese tournees vestigde hij zich als zelfstandig componist in Wenen, alwaar hij op 35-jarige leeftijd overleed.
Samen met Johann Sebastian Bach en Ludwig van Beethoven wordt Mozart beschouwd als een componist die binnen de muzikale traditie nieuwe muzikale concepten bedacht en hiermee diepgaande invloed uitoefende op alle na hem komende componisten.
De Haffner-symfonie (nr. 35 in D majeur, KV 385) is een sprankelend, vierdelig werk van Wolfgang Amadeus Mozart uit 1782. Aangemoedigd door zijn vader Leopold schreef Wolfgang Amadeus Mozart (1756 – 1791) een feestelijke serenade voor blaasinstrumenten bestemd voor Sigmund Haffner, een belangrijk koopman uit Salzburg die tot de adelstand verheven zou worden. Deze serenade bewerkte Mozart een paar maanden later tot de Haffner symfonie. Overigens was de verstandhouding tussen vader en zoon op dat moment niet geweldig. Tegen de zin van zijn vader was Wolfgang van Salzburg naar Wenen verhuisd en in het huwelijk getreden met Constanze Weber. ‘Denk aan je carrière,’ zou Leopold Mozart zijn zoon meerdere malen gewaarschuwd hebben. Uit eindelijk zou hij zijn vader als manager erg missen.
Onmiskenbare Mozart klanken aan het begin van het eerste deel van de symfonie. Het lijkt alsof je bij een opera aanwezig bent, een Mozart-opera weliswaar. Zo heeft het eerste deel van de Haffner alles weg van een ouverture. Eigenlijk niet verwonderlijk, want deze symfonie werd direct geschreven na het singspiel Die Entführung aus dem Serail. Het succes van de opera moet de 26-jarige componist nog vers in het geheugen gelegen hebben.
Blazers vervullen een belangrijke rol in de Haffner. Het gaat om een kernachtige symfonie met een haast dramatisch begin gevolgd door een lyrisch langzaam deel overheerst door strijkers, waarna een levendig menuet en een razendsnelle finale (zo snel mogelijk, zou Mozart er boven geschreven hebben… ).
De Haffner-symfonie wordt gezien als een van Mozarts grote Wener symfonieën en toont zijn vermogen om gelegenheidsmuziek om te vormen tot een meesterwerk.

Lisa van Oorschot studeert aan het Koninklijk Conservatorium Den Haag, bij Jeroen Bron. Zij kwam van jongs af aan in aanraking met muziek en raakte betoverd door de dwarsfluit. Ze ontdekte haar liefde voor samenspel op Zomercursus Woudschoten. Sindsdien speelt ze met veel plezier in orkesten en ensembles zoals het Ricciotti Ensemble, het JongNBE West, het VU-Orkest, het Neflac Ensemble, het Nederlands Begeleidings Orkest en het Residentie Orkest. Ook richtte zij haar eigen ensemble op, het Artis Ensemble. Daarnaast soleerde zij afgelopen jaar met het Alkmaars Symfonie Orkest het Concertino van Chaminade. In april 2026 was de release van de CD Desires en Resolutions met het Fluitoctet BlowUp! waaraan zij heeft meegewerkt. Op het conservatorium kreeg zij les van Jeroen Bron, Sarah Ouakrat en Josephine Olech, en afgelopen juni heeft ze de Bachelor Klassiek Fluit succesvol afgesloten. Daarnaast volgde zij masterclasses van o.a. Emily Beynon, Kersten McCall en Mario Caroli. Lisa was docente bij het Leerorkest en geeft momenteel dwarsfluitles bij the Residents (een initiatief vanuit het Residentie Orkest) op basisscholen in de Schilderswijk in Den Haag en daarnaast geeft zij privéles.


Concertdata:
Zaterdag 30 mei middagconcert 15.00 Pauluskerk, Breukelen.
Zaterdag 6 juni avondconcert 20.00 Opstandingskerk Woerden.